Wat is parentificatie en hoe beïnvloedt het je volwassen leven?
Veel mensen voelen zich al van jongs af aan verantwoordelijk voor anderen. Misschien herken je het wel bij jezelf. Je was als kind al verstandig en sterk, altijd aan het opletten of iedereen oké was. Je noemt jezelf zorgzaam, loyaal, de “sterke” van het gezin. Maar diep vanbinnen voel je misschien ook een constante vermoeidheid.
Alsof je nooit echt op adem kon komen. Misschien is er schuldgevoel zodra je even iets voor jezelf doet, of een leegte die je niet goed kunt plaatsen. Die neiging om altijd te zorgen en te dragen lijkt misschien een karaktertrek, maar het is eigenlijk een systemische beweging die we parentificatie noemen.
In dit blog neem ik je mee in dit thema, ik laat je zien wat parentificatie is en wat er systemisch gebeurt bij parentificatie.
De auteur: Katelijne Vermeulen
In de afgelopen 40 jaar werken met mensen en systemen heb ik één ding steeds weer gezien: niets staat op zichzelf. Onze verhalen zijn verweven met die van de generaties voor ons. Als systemisch begeleider leerde ik kijken naar wat niet wordt gezegd, maar wel voelbaar is. In mijn blogs wil ik je uitnodigen om die laag ook te ontdekken.

Wat betekent parentificatie precies?
Parentificatie houdt in dat een kind zijn plek als kind verlaat en een deel van de ouderrol op zich neemt. Het gaat zorgen, dragen of emoties reguleren voor het gezin. Dit kan op allerlei manieren gebeuren: emotioneel (bijvoorbeeld het kind troost een ouder of fungeert als vertrouwenspersoon), praktisch (het kind verzorgt broertjes/zusjes of doet veel huishoudelijke taken), of mentaal (het kind denkt continu mee over volwassen problemen).
Waarom kiest een kind niet bewust voor parentificatie?
Belangrijk om te begrijpen is dat dit geen bewuste keuze is van het kind. Het is geen ongehoorzaamheid of aandachttrekkerij, en zeker niet de “schuld” van het kind. Het is een overlevingsstrategie binnen het systeem.
Het kind wordt als het ware te snel groot om het gezin draaiende te houden. Uit liefde en loyaliteit neemt het verantwoordelijkheid die eigenlijk bij de ouders hoort, omdat het aanvoelt dat dit nodig is om chaos of instabiliteit te voorkomen.
Wat gebeurt er met je kindplek bij parentificatie?
Met parentificatie verliest het kind de veilige kindplek. Waar een gezonde dynamiek betekent dat ouders geven en zorgen en kinderen mogen ontvangen en spelen, gebeurt bij parentificatie het omgekeerde. Het kind stapt uit de rol van ontvanger en wordt gever. Die natuurlijke orde raakt in de war.
Het kind neemt de ouderlijke rol over om (uit liefde) het systeem te redden. Dat gebeurt altijd met de beste intenties en vaak in stilte, niemand zegt tegen een kind dat het dit moet doen. Maar het gevolg is overbelasting bij het kind en een gemis aan een vrije, zorgeloze kindertijd. Het draagt lasten die niet van hem of haar zijn.
Hoe ontstaat parentificatie?
Wat zorgt er nu voor dat je als kind überhaupt in zo’n rol terechtkomt? Vaak ontstaat parentificatie in gezinnen waar één of beide ouders emotioneel afwezig zijn of om een andere reden niet volledig de ouderrol invullen. Enkele veelvoorkomende aanleidingen zijn bijvoorbeeld:
- Een ouder met ziekte, depressie of trauma: de ouder is fysiek of emotioneel niet beschikbaar, waardoor het kind inspringt om bijvoorbeeld de sfeer goed te houden of voor broertjes/zusjes te zorgen.
- Onverwerkte rouw of verlies in het systeem: denk aan een overlijden waar niet over gesproken wordt. Er hangt dan een schaduw over het gezin; een kind kan die stemming aanvoelen en proberen te “repareren” door extra lief en verantwoordelijk te zijn.
- Geheimen of taboes: wanneer er verlies of pijn is die niet benoemd mag worden, gaat die emotie onderhuids z’n werk doen. Het kind voelt desalniettemin de spanning en probeert onbewust de leegte te vullen of het verdriet van de ouder te verzachten.
- Emotioneel afwezige of overbelaste ouders: ouders die door hun eigen problemen (werkstress, huwelijksproblemen, verslaving, mentale gezondheid) niet afgestemd zijn op het kind, waardoor het kind de rollen omdraait en voor de ouder gaat zorgen.
Je voelt feilloos aan wat niet wordt uitgesproken. Als kind merk je meteen wanneer er iets niet klopt in het gezin. In plaats van weg te kijken, spring je uit diepe loyaliteit bij. Je wordt als het ware de emotionele lijm die de familie bij elkaar houdt. Dat doe je niet met woorden, maar met daden: extra braaf zijn, geen problemen veroorzaken, een ouder troosten, je eigen verdriet wegslikken. Je denkt niet bewust “laat ik nu de ouderrol overnemen”; het gaat automatisch. Vanuit je onvoorwaardelijke liefde voor je ouders wil je dat het gezin goed functioneert. En als er ergens een gat valt, voel je je geroepen dat gat te dichten, vaak ten koste van jezelf.
lees verder na dit blok
Opleiding tot systemisch begeleider
Voel jij je aangesproken tot de opleiding systemisch begeleider door Katelijne. In maart start er een nieuwe opleidingsgroep, waarvoor nog een aantal plekken vrij zijn.
Zaterdag 31 januari organiseren wij een open dag waar je kennis kunt maken met haar manier van werken.
Hoe herken je parentificatiegedrag bij kinderen?
Een kind dat parentificatie ervaart, lijkt op het oog heel volwassen voor zijn leeftijd. Er zijn een aantal typische kenmerken en herkenningspunten:
- Vroeg wijs en verantwoordelijk: Jij gedroeg je als kind als “de volwassene” thuis. Je nam de zorg op je voor broertjes of zusjes, of de troost een ouder. Leraren noemeden je vaak ontzettend zelfstandig en behulpzaam.
- Altijd alert en zorgzaam: Als kind was je voortdurend aan het opletten of iedereen oké was. Je voelde je altijd verantwoordelijk voor de sfeer en emoties van anderen. Ook probeerde je conflicten te voorkomen en iedereen tevreden te stellen.
- Moeite met ontvangen: Een parentificatief kind leert geven, niet ontvangen. Complimenten of hulp krijgen vind je lastig. Cadeautjes aannemen of zorg voor zichzelf toelaten voelt ongemakkelijk, want je bent gewend de rol van gever te hebben.
- Schuldgevoel bij ontspannen of spelen: Als je als kind een moment voor jezelf had, kon jij je schuldig of onrustig voelen. Plezier maken of nietsdoen voelt “verkeerd”, want er is altijd wel iemand om voor te zorgen of een klusje te doen.
- Altijd afstemmen op de ander: Je ontwikkelde een verfijnde radar voor de stemming van anderen. Je cijfert zichzelf weg en past je continu aan. Eigen behoeften worden aan de kant geschoven; de antenne staat altijd gericht op wat de ander nodig heeft.
Aan de buitenkant kan dit gedrag heel functioneel lijken. Jij was altijd netjes, verantwoordelijk, een “makkelijk kind” waar ouders en omgeving op kunnen bouwen. Vaak kreeg je er zelfs complimenten voor: “Wat ben jij volwassen voor je leeftijd” of “Wat fijn dat jij zo helpt in huis.” Maar hoe positief het ook lijkt, het kost je jezelf.
Elke dag dat jij de last van een volwassene draagt of droeg, lever je een stukje kind-zijn in. Je leert onbewust dat liefde krijgen samenhangt met zorgen en sterk zijn, in plaats van vrij en zorgeloos mogen spelen. De prijs voor al die braafheid en verantwoordelijkheid is dat je met een lege batterij en vol verborgen verdriet kunt rondlopen. Gevoelens die je vaak niet eens kunt uiten, omdat je die rol van “de sterke” moet volhouden.
Is parentificatie een kracht of een noodoplossing?
Veel volwassenen die als kind geparentificeerd waren, zien zichzelf als sterk en onafhankelijk. Ze denken misschien: “Ik heb als kind geleerd om te gaan met tegenslagen, dat heeft me juist kracht gegeven.” En het klopt dat parentificatie je bepaald uithoudingsvermogen en verantwoordelijkheidsgevoel geeft. Het heeft je geholpen te overleven in de situatie waarin je opgroeide. Die kwaliteiten, zorgen, aanpassen, doorzetten, waren ooit noodzakelijk en hebben je door je jeugd heen geholpen.
Maar hier is de andere kant: wat een kind moest doen om te overleven, is geen gezonde basis voor een volwassen leven. Parentificatie is geen echte kracht, het is een noodoplossing. Als kind hoor je niet langdurig de last van een volwassene te dragen; daar is een kinderziel niet voor gemaakt. Wat gebeurt er dus als je die noodoplossing meeneemt naar je volwassen leven? Dan raak je uit balans.
Dat wat ooit nodig was, heeft nu een prijs
Wat ooit nodig was om erbij te horen, wordt later de reden dat je jezelf kwijtraakt. Als volwassene leef je misschien nog steeds volgens de regels van vroeger: altijd sterk zijn, niets nodig hebben, anderen voorop stellen. Die eigenschappen die ooit bewonderenswaardig leken, kunnen je nu in de weg zitten. Je zegt nooit “nee” en gaat steeds over je eigen grenzen. Je voelt je schuldig als je voor jezelf kiest.
Kortom, dat oude patroon, ooit ontstaan uit nood, put je nu juist uit. De loyaliteit die ooit je redding was, vreet aan je. Het is alsof je nog steeds dat kind bent dat denkt: “Als ik maar blijf zorgen, hoor ik erbij en loopt alles goed.” Maar als volwassene mag je juist loslaten; je kunt het alleen nog niet zo gemakkelijk, omdat het oude overlevingsmechanisme sterk verankerd zit.
Welke gevolgen heeft parentificatie als volwassene?
De gevolgen van parentificatie stoppen niet bij de kindertijd. In het volwassen leven kan dit patroon zich op allerlei manieren wreken. Enkele prijzen die veel (voormalig) parentificatie-kinderen betalen op latere leeftijd:
- Burn-out of chronische uitputting: Je hebt jarenlang meer gegeven dan je eigenlijk kon. Als volwassene ga je daarmee door, op je werk, in je gezin, voor vrienden, tot je lichaam protesteert. Altijd de sterke willen zijn eist fysiek en mentaal zijn tol.
- Relaties die scheefgroeien: Je merkt dat je keer op keer in relaties belandt waarin jij de verzorger of redder bent. Of het nu vriendschappen zijn, liefdesrelaties of zelfs op het werk: jij neemt automatisch de rol op je van diegene die alles regelt, zorgt en geeft. Gelijkwaardigheid ontbreekt, en diep vanbinnen voel je je eenzaam, omdat niemand echt voor jou zorgt.
- Moeite met grenzen aangeven: “Nee” zeggen voelt bijna onmogelijk, want je wilt niemand teleurstellen. Je hebt geleerd je eigen behoeften te negeren, dus in je volwassen leven weet je niet goed waar jouw grens ligt. Je gaat telkens een stap verder dan gezond is, om de ander tevreden te houden.
- Leegte en verloren identiteit: Ondanks alle drukte en zorg voor anderen voel je van binnen een onbestemde leegte. Je doet zo je best en toch knaagt er iets, een gevoel van “wie ben ik eigenlijk als ik niet voor anderen zorg?”. Je kunt je doelloos of ongezien voelen, zonder duidelijke oorzaak.
- Altijd alert en op je hoede: Veel geparentificeerde volwassenen blijven continu de omgeving scannen. Je innerlijke alarm staat aan: je merkt elke verandering in stemming van je partner, collega of vriend op. Je bent altijd voorbereid om in te grijpen of te helpen. Ontspannen in het moment is moeilijk, omdat je systeem gewend is om waakzaam te zijn.
Hoe komt het dat je dit blijft doen, zelfs nu je volwassen bent en zelf keuzes kunt maken? Systemisch gezien leef je vaak nog volgens een oud contract dat je als kind onbewust met jezelf hebt gesloten: “Als ik voor iedereen zorg, blijft het veilig en hoor ik erbij.”
Dat contract loopt nog steeds, ook al is je oorspronkelijke gezinssituatie allang veranderd. Misschien zijn de ouders waar je ooit voor moest zorgen nu sterker of helemaal niet meer in beeld, maar toch voel jij je nog altijd verplicht om te doen. Dat kan zich verplaatsen naar andere relaties of situaties.
Je innerlijke kind denkt blijkbaar nog steeds dat alles instort als jij loslaat. Dit is de diepe overtuiging die onder parentificatie blijft doorwerken en die de hoge prijs verklaart: je leeft nog naar de oude voorwaarden, ten koste van je eigen welzijn.
lees verder na dit blok
Gratis e-book
Wist je dat het gezin waar je uitkomt nog elke dag van invloed is wat je vandaag de dag doet. Dat is de kern van systemisch werk. Met dit gratis e-book ontdek je hoe jouw gezin van herkomst nog steeds invloed heeft op jij nu reageert voelt en handelt.
Direct in je inbox – Je gegevens zijn veilig.

Waarom is loskomen van parentificatie zo lastig?
Als het zoveel kost, waarom is het dan zo lastig om ermee te stoppen? Je zou denken: “Ik zie nu toch dat het me niet helpt, dus ik kies iets anders.” Maar zo simpel is het helaas niet. Zorgen zit verstrengeld met liefde en loyaliteit. Voor iemand die parentificatie heeft meegemaakt, voelt loslaten van die zorgtaak bijna als verraad. Je hebt immers altijd geloofd dat jouw zorgen het verschil maakte tussen een gezin dat staande bleef of uiteenviel. Stoppen met zorgen roept een oerangst op: “Straks valt iedereen uit elkaar of hebben ze me niet meer nodig… en wat ben ik dan nog waard?”
De associatie: zorgen = liefde
Daarnaast is er vaak een diep ingesleten associatie: zorgen = liefde. Als jij niet meer voor de ander zorgt, ben je bang dat je hun liefde of waardering verliest. Het oude contract dat we noemden speelt hier ook in mee: het idee dat jij alleen bestaansrecht hebt als je geeft en sterk bent.
Loslaten voelt alsof je dat contract breekt en dat kan enorm eng zijn. Het innerlijke kind in jou begrijpt niet dat de omstandigheden nu anders zijn. Het blijft rondjes rennen in de oude cirkel: zorgen, pleasen, dragen, omdat het denkt dat dit de enige manier is om geliefd te zijn.
Wat vraagt echte heling bij parentificatie?
Op dit punt vraag je je misschien af: kan ik hier wel van herstellen? Goed nieuws: ja, dat kan. Maar heling van parentificatie is geen kwestie van één besluit of een simpel trucje. Heling vraagt vooral bewuste beweging en innerlijk werk. Enkele belangrijke onderdelen van zo’n helingsproces zijn:
- Erkennen wat er gebeurd is: Durf onder ogen te zien dat jij als kind te veel hebt moeten dragen. Zolang je het blijft bagatelliseren, hou je het patroon in stand. Erkennen betekent ook compassie hebben voor het kind dat je was.
- Zien wat niet van jou was: Ga na welke lasten jij hebt gedragen die eigenlijk bij iemand anders hoorden (bij je ouders bijvoorbeeld). Was jij de trooster van je moeder? De bemiddelaar tussen je ouders? Besef dat die rollen niet van jou hadden moeten zijn.
- De verantwoordelijkheid terugleggen: Dit gebeurt vooral innerlijk. Je kunt je voorstellen dat je de last teruggeeft aan het systeem of de persoon bij wie het hoort. Dit betekent niet dat je je ouders confronteert of beschuldigt, maar dat je diep vanbinnen erkent: “Dit is van jullie, niet van mij.” Jij mag die last neerleggen.
- Rouwen om wat je gemist hebt: Sta jezelf toe te rouwen om de jeugd die je niet had. Om de zorg en aandacht die jij hebt moeten missen terwijl je voor anderen zorgde. Dat gemis erkennen kan pijnlijk zijn, maar het is een noodzakelijk deel van heling. Je neemt daarmee serieus wat je nodig had en niet kreeg.
Heling is een innerlijke herordening. Alsof je jouw innerlijke huishouden opnieuw organiseert. Het kind in jou krijgt eindelijk de ruimte om kind te zijn, en jouw volwassene mag het stuur overnemen op een gezonde manier.
Dit proces kost tijd en gaat vaak met vallen en opstaan. Het kan helpen om hierbij ondersteuning te zoeken, bijvoorbeeld via therapie of systemisch werk (familieopstellingen). In zo’n setting kun je het oude patroon doorbreken door in veiligheid te ervaren hoe het is om iets terug te geven dat niet van jou is, of om te ontvangen zonder je schuldig te voelen.
lees verder na dit blok
Opleiding tot systemisch begeleider
Voel jij je aangesproken tot de opleiding systemisch begeleider door Katelijne. In maart start er een nieuwe opleidingsgroep, waarvoor nog een aantal plekken vrij zijn.
Zaterdag 31 januari organiseren wij een open dag waar je kennis kunt maken met haar manier van werken.
Hoe neem je je plek opnieuw in het familiesysteem in?
De laatste stap, of eigenlijk het doel van alle voorgaande, is dat jij je eigen plek als kind opnieuw inneemt in je familiesysteem. Dit betekent dat de natuurlijke orde wordt hersteld. Jij hoeft niet langer boven of voor je ouders te staan. Je bent niet de partner of therapeut van je vader of moeder, niet de lijm tussen je ouders, niet de drager van hun verdriet. Jij bent het kind, ook al ben je inmiddels volwassen.
Je plek innemen wil zeggen dat je alle verantwoordelijkheid die niet bij jou hoorde, teruglegt. Je stapt mentaal en emotioneel uit die ouderrol. Wanneer jij op je eigen plek staat, kan er in het hele systeem iets ten goede verschuiven. De druk valt van je schouders af. Je zult merken dat er ineens ruimte komt, ruimte die vroeger bezet was door zorgen, schuld en alertheid. Ruimte om te ontdekken wat jij wilt, wat jou blij maakt, waar jouw grenzen liggen. Dat is soms onwennig, maar uiteindelijk ontzettend bevrijdend.
Pas wanneer je stopt met dragen wat niet van jou is, ontstaat ruimte om werkelijk te leven. Echte verbinding wordt dan mogelijk, zonder dat het ten koste gaat van jou. Je mag ervaren hoe het is om geliefd te zijn om wie je bent, niet om wat je doet voor een ander. Dat is de weg naar voren na parentificatie: niet langer overleven door te zorgen, maar leven in verbinding, vrij en gevoed vanuit je eigen plek.
Conclusie
Misschien herken je jezelf in dit verhaal. Misschien voel je hoe diepgeworteld het is om altijd maar te zorgen, te dragen, te regelen. Dit deed je omdat het systeem het vroeg, en jij antwoordde met liefde. Maar weet: wat je ooit deed om erbij te horen, mag je nu loslaten om werkelijk jezelf te worden.
Je hoeft het niet meer alleen te dragen. Niet meer te pleasen, te fixen of te verdraaien om liefde te verdienen. Je mag terug naar je eigen plek. Pas wanneer je stopt met dragen wat niet van jou is, ontstaat ruimte om werkelijk te leven.
lees verder na dit blok
Opleiding tot systemisch begeleider
Voel jij je aangesproken tot de opleiding systemisch begeleider door Katelijne. In maart start er een nieuwe opleidingsgroep, waarvoor nog een aantal plekken vrij zijn.
Zaterdag 31 januari organiseren wij een open dag waar je kennis kunt maken met haar manier van werken.
